Kenniskringen PSH weer van start: afwisselende bijeenkomst 2 februari

24 maart 2017

De kenniskring PSH is weer van start gegaan in februari. Dit keer was het thema: ‘kwetsbare groepen.’ Voor drie groepen (vluchtelingen, ouderen, jongeren) werd besproken wat deze doelgroep dan ‘kwetsbaar’ maakt, wat beschermende factoren zijn en wat dat betekent voor de (planning van) de psychosociale hulp bij rampen en incidenten.

“Het gaat heel vaak over het belang van informatie, maar het gaat nauwelijks over taal.” Deze constatering van Hanneke Bot tijdens de Kenniskring PSH op 2 februari riep discussie op over de plek en rol van tolken in het aanbod van psychsociale hulp. Wanneer zet je tolken in, wie maakt daarover de afspraken,  zijn tolken goed toegerust om onder dergelijke omstandigheden te werken, zo kort na een heftig incident of ramp? Wat is de ervaring met van tevoren vertaalde standaardinformatie? De presentatie van Hanneke Bot ging over migranten, vluchtelingen en asielzoekers en was de eerste van drie presentaties over ‘kwetsbare groepen’. 

In de Multidisciplinaire Richtlijn PSH wordt aanbevolen om een doelgroepenanalyse uit te voeren, en er worden een aantal 'kwetsbare groepen' benoemd, zoals migranten en ouderen. Wat die ‘kwetsbaarheid’ dan inhoudt en wat dat betekent voor de planning en organisatie van  de PSH, wordt in de Richtlijn echter niet specifiek benoemd. Tijdens de kenniskring gingen drie sprekers daar nader op in. Behalve de presentatie over vluchtelingen, was er een presentatie door Joke van Bokkem over ouderen en Daan Westerink sprak over jongeren en jongvolwassenen. Het was daarmee een ochtend vol afwisseling en inhoud.

Zodra het gaat over een ‘groep’, is het eerste dat gezegd moet worden dat dé vluchteling, dé oudere of dé jongere niet bestaat. Toch wisten de sprekers goed duidelijk te maken wat het dan is waarom de Richtlijn extra aandacht vraagt voor deze groepen. Bij elk van de groepen kwam terug dat sociale steun, waarvan bekend is dat het heel belangrijk is voor herstel, vaker zwak of kwetsbaar is. Ouderen zien bijvoorbeeld hun kring kleiner worden en helemaal wanneer de ramp met zich meebrengt dat ze hun kinderen verliezen, is dat erg ingrijpend, zoals Joke van Bokkem ook met een casus liet zien.

Daan Westerink benoemde hoe belangrijk het is voor jongeren die te maken hebben met verlies, om een ‘bondgenoot’ te hebben. Iemand die ze kunnen vertrouwen en die hen begrijpt. Jongeren komen in hun omgeving heel veel onbegrip tegen. In het werk van Daan speelt dat een belangrijke rol:  zij heeft in gesprekken met jongeren al heel veel tips en handvatten verzameld voor de omgeving om met rouwende jongeren om te gaan. In de presentatie kwamen er daarvan tussendoor ook al heel wat voorbij.